28 May Holland Groningen: Een overzicht van de regio in het noorden van Nederland
Grootschalig landbouw en visserij in Groningens platteland
Het gebied rondom Groningen wordt vaak gezien als een aparte entiteit, dat dient te worden onderscheiden van de rest van Noord-Nederland. Terwijl Friesland en Drenthe tot het noorden behoren, valt Groningen holland-casino-groningen.nl zowel qua spreiding als qua economie onder ‘Holland’. Deze benaming is echter niet geheel accuraat aangezien er een aantal unieke kenmerken bestaan die Groningen onderscheiden van de rest van Noord-Nederland.
Het noorden van Nederland, inclusief Friesland en Drenthe, kent veelal open gronden. Deze strekten zich over lange afstand uit tot in Groningens platteland. Daarnaast behoren hier ook meerdere dijken, die het droge land scherpte door de aanwezigheid van water, zoals zeeën en rivieren.
In dit gebied is er sprake van een rijk agrarisch verleden en ontwikkelde men zich op het gebied van kweekte vis. Omringd wordt deze regio door landschappen die werden gescheiden door de Fries-Drentse grens, de Waddenzee in het noorden en het IJsselmeer in het zuiden.
Groningen kent een rijk agrarisch verleden met veelal kleine boerderijtjes waar vlees- en melkvee worden getelgd. Deze productiegebieden liggen niet zo ver van de kust af als men zou verwachten, maar wel in een gebied dat bestond uit zand en klei.
Zeevis
De visserij is dan ook hier sterk gevestigd. Veel vissers kwamen hiernaartoe om op schaaldieren te jagen of zelfs de kreeft te pellen, in overeenstemming met de bestrijding van zogenoemde “zeevissen”.
Industriële ontwikkeling
Aan het begin van deze eeuw begon Groningen een sterk industrialiseringsproces. Soms waren dit fabrieken die voornamelijk aan wijn, koffie en tabak produceerden.
In de loop van tijd veranderde het industrieel profiel echter volledig en kwamen er grotere werkgevers als Shell en Cees Dammers (later in de jaren 70 verkocht aan de Belgische chemiefirma UCB).
Het gebied rondom Groningen bleek echter niet alleen interessant voor bedrijven die voornamelijk zich richten op zeevissen, maar ook wel op andere industriële ontwikkelingen zoals de zoutwinning en koksmining. Deze ondernemers hebben sinds begin 20e eeuw een belangrijke rol in het economische verloop van Groningen gespeeld.
Economisch groei
Sinds de Tweede Wereldoorlog beleefde Nederland, inclusief Groningen en Friesland, een periode van ongekende economische bloei. De opkomst van nieuwe technologieën zoals beton-, staal- en auto-industrie had echter al lang geleden met zwaar investeren gepaard gegaan.
Ook de ontwikkeling van de toeleveringssector werd een belangrijk pijnpunt. Zo kwamen er voornamelijk in Friesland veel kleinere bedrijven die zich specialiseerden op onder meer elektronicas, auto-onderdelen en machinebouw. De economische situatie verbeterde met steeds meer Nederlanders die hierheen verhuisden om arbeid te zoeken.
Energievoorziening
De aanleg van de Groningsche Gasfabriek (GAF) is het eerste gascentralebedrijf in ons land. Sinds 1971 staat het complex bekend als het grootste industrieel bedrijfspark ter wereld en kan dit gebied door de opbouw van een complete infrastructuur gemakkelijk te bereiken zijn.
De GAF was met de komst van Shell (die toen voor meer dan 70% eigenaar werd) verantwoordelijk voor het ontwerpen van nieuwe raffinageinstallaties en -toren, die ook nu nog steeds in gebruik zijn. Daarnaast was er ook een nieuwe afvoerpijp opgeleverd.
Stadsontwikkeling
In de jaren zestig kreeg Groningen behalve als werkgebied voor veel bedrijven vanuit het noorden ook de status van stedelijke ontwikkelingszone. In die periode werden er diverse initiatieven gestart om deze regio te verdelen, waaronder in Friesland, Drenthe en Groningen.
Door toenemende grondstoffen noodzaak werd uitgebreid gebruik gemaakt van de mogelijkheden voor verkoop van opbouwwerk. Deze gebieden zijn nu bijna volledig bebouwd met grote bedrijfscomplexen (inclusief GAF), maar in Friesland waren ook enkele kleine huizenblokken, onder meer in het dorpje Sint Janskruis.
Ook de zee- of vaarwijken zijn ontstaan. Hier waren diverse ondernemingen gevestigd die niet bijzonder moeilijk te bereiken zijn, maar toch werden sommige dijken uitgebreid en verlengd om zogenaamde “vaarkruizers” te kunnen bouwen.
Wijken in Groningens platteland
In het noorden van Nederland liggen op grondgebied van Friesland verschillende kernen die rond de dijk, waarvan meestal een oude boerderij behoorde. Het dorpje Vledderveen grenst aan de dijk in zijn westelijke richting.
Frieslands Noordpolder ontwikkelde zich tot het moderne Groningen en werd als stadsgebied erkend op basis van zowel de Frysische waterstaat (op initiatief van de Friese regering) als later door gemeentebestuur. In deze periode verrees ook een belangrijk deel aan grensstroken, waarbij voornamelijk kleine boerderijtjes werden gebouwd.
Ook is Groningen met Drenthe verwant doordat ze beide in één regio liggen en daarom behoren tot de grotere stadsgebieden van Noord-Nederland. Met een geschatte 5000 inwoners is deze stad hierbij relatief groot aangezien zij al even ver landinwaarts gelegen was dan andere Nederlandse steden.
Bemiddeling en ontwikkelingsinitiatieven
In Groningen werden door de bevolking soms aanleiding gegeven tot overleg met de gemeente om te helpen bij het realiseren van grote projecten in en rondom het centrum, waaronder zogenaamde “grotere steden” in Friesland.
Bijzonder is dat er sinds de jaren 60 van vorige eeuw ook sprake was van een overleg tussen Groningen en Drenthe, toen deze beide gebieden al bestonden. De komst van Shell (later verkocht aan UCB) maakte echter spoedig duidelijk dat men hiervoor andere plannen had.
Economische onafhankelijkheid
Door een groeiende concentratie van bedrijven in Groningen, kwam er na de jaren 50 ook meer vraag naar arbeidskrachten. De stroom uit het noorden werd gevolgd door gelijkaardige problemen met werkgelegenheid.
De economische ontwikkeling hiervoor was niet alleen te danken aan de industrieel activiteit, maar vooral aan de landbouw en visserijsector van Groningen die hierdoor konden uitbreiden. De bevolking bleef dan ook weliswaar klein maar groeide.
Vreemdelingencrisis
Eind 20ste eeuw beleefde Noord-Nederland (waaronder Groningen en Friesland) een periode van zorg voor de vreemdelingencrisis. Hierdoor verhuisden er veel buitenlanders naar deze regio.
Deze nieuwe bevolking vertegenwoordigde het grootste deel uit arbeiders die zich elders in hun land hadden gevestigd. Het overgrote merendeel had hierbij echter niet dezelfde nationaliteit als dat van Groningen, wat voor problemen zorgde.
Stedelijke ontwikkeling
Sinds de jaren 50 is er ook sprake geweest van een toenemend aantal steden in het noorden van Nederland. Hierdoor werden nieuwe huizen en bedrijfsverdichten aangelegd, waaronder bijvoorbeeld Groningen zelf.
Deze ontwikkeling was echter niet zonder risico’s. Veel gebieden die aan de rand van deze stadsgebieden liggen, waren op de grens met Friesland gelegen en werden als dusdanig in gebruik genomen voor woningbouw door toekomstige bewoners.
Hiermee kreeg Groningen het bevoordeel dat er nu nog steeds sprake was van een behoorlijke stedelijke ontwikkeling. Aan de andere hand vormde dit ook een groot risico, aangezien bijvoorbeeld de aanleg van gasleidingen en raffinage-gebieden grote veranderingen teweegbracht.
Nederlandse economische overtuigingen
Het is onderschattend om te zeggen dat er in het noorden (met name Groningen) een specifieke, “Holland Groningense” of Fries-Drents stadsgebruik bestond. Het grote verschil was echter wel de kabeldraad die hierbij werd aangebracht.
Het verhaal van Holland Groningen is niet anders geweest dan voor andere regio’s in Nederland, met uitzondering van het feit dat ze veel kleiner zijn en al heel lang geleden waren.
Sorry, the comment form is closed at this time.